Ze hadden een mooi plekje. Het was net buiten de stadsmuren weliswaar, maar dat was allerminst ongebruikelijk. Een plaatsje voor het eeuwige in de Sint Bavokerk was voor hen immers niet weggelegd, kom zeg! Nee, hier zouden ze prima rusten, samen.
Dat ze goed lagen, bleek wel. De Spaanse bezetting kwamen ze door. En ook de hel en verdoemenis van de grote stadsbrand vlak daarna, in 1576, raakten hen niet. Pal boven hun oud geworden botten, ja, daar zou het sindsdien wel voorgoed anders zijn. Het vertrouwde St. Gangolfs Gasthuis en de gelijknamige kapel waren als luciferhoutjes afgebrand en zouden nooit worden herbouwd.
Zij lagen veilig. En inmiddels al lang wél midden in het stadscentrum, ha!
Ze waren er toen de Botermarkt ontstond. En veel later, toen daar de kleine Van der Pigge zijn dappere strijd voerde tegen de reus Vroom en Dreesman – David versus Goliath.
En nu? Nu is dan toch ineens de tijd gekomen om te verkassen. Hun geraamtes zagen afgelopen week onwennig het daglicht. Na vijf, zes of misschien wel zeven eeuwen dienen ze plaats te maken voor – jawel - een ondergrondse vuilcontainer.
De opgravers zullen prudent met hun botten omgaan, daar is geen twijfel over. Ze krijgen een herbegrafenis. Op Akendam in Noord. Toch weer net buiten de stad, dat wel.
Maandag 23/01 ook verschenen in de rubriek 60 Seconden in HD
maandag 23 januari 2012
zaterdag 7 januari 2012
Tandarts
Vrije tandartstarieven, concurrentie, meer keuze voor de cliënt. Het klinkt allemaal fantastisch. Maar in de praktijk blijkt de vrije marktwerking in de gaatjesboorindustrie even beroerd uit te vallen als we eerder zagen in het openbaar vervoer, de ziektekosten en de energielevering. De klant ziet door de bomen amper nog het bos en is aan het eind van het liedje duurder uit.
Hoe zou dat in België zijn? Kunnen we vluchten, de grens over? Met een kleine twee uur ben je er...
Ik kom daarop, omdat ik afgelopen zomer op een rondreis door Midden-Europa, tussen Boedapest en Wenen in Sopron terecht kwam. Het Hongaarse plaatsje tegen de Oostenrijkse grens was op 19 augustus 1989 wereldnieuws toen daar na een vredelievende demonstratie Oost-Europeanen de eerste fysieke scheur in het IJzeren Gordijn forceerden en met honderden tegelijk de grens overstaken.
De aansluiting met het Westen heeft het stadje geen windeieren gelegd. Er is zelfs een kleine toeristische industrie. Al is er - opvallend genoeg - niet één winkel te vinden met ansichtkaarten. Er zijn daarentegen wel heel veel tandartspraktijken. In het uurtje dat ik moest wachten op mijn trein om mijn reis te vervolgen besloot ik er een aantal te fotograferen. Ik kwam tot 41 tandartsbordjes. Het was dat toen mijn trein ging. Sopron blijkt een stad met de hoogste tandartsdichtheid ter wereld. Weners trekken massaal de grens over om hier - in het goedkopere Hongarije - hun gebit te laten verzorgen. Kijk, dat is marktwerking!
woensdag 4 januari 2012
IM Phil Lynott
4 januari 1986
Ik was 16 en hoorde op de wekkerradio in de slaapkamer van mijn zusje in een kort en droog berichtje dat een popheld die ik nog maar kort daarvoor had ontdekt en mij de ogen wijd had geopend voor een genre dat ik tot dan toe niet kende dood was. Het waren mijn eerste tranen om het verlies van iemand die ik persoonlijk niet kende.
Ik had Lynott leren kennen via een van de eerste commerciële tv-zenders die we in Haarlem konden ontvangen: Sky Television. Mick Wall had daar een hardrock-show genaamd Monsters of Rock, waarin Phil regelmatig studiogast was om de vertoonde clips van commentaar te voorzien. Wat werd er vertoond? Jee.. Iron Maiden, Twisted Sister, Scorpions, oudjes van Deep Purple, Marillion. Ik was niet zo thuis in het genre en zag in Lynott een sympathieke, steevast verkouden, nasaal pratende, intelligent vertellende vent op wie je een beetje zou willen lijken.
Hij bracht zijn (achteraf gezien) laatste muzikale wapenfeit uit, die in Monsters of Rock vaak werd vertoond: Out in the fields, een geweldig spannend nummer samen met zijn oude maatje Gary Moore. Ik kocht de single en raakte vervolgens bevlogen door de B-side: Military Man/Still in love with you. Hardrock en blues met die onwaarschijnlijk ongewone maar innemende stem van Lynott. Aanleiding zat om zijn vorige platen te kopen en allengs een genre verder te ontdekken. Om uiteindelijk te zien dat Lynott maar zeer ten dele in dat metalgenre paste en het waar kon had omgebogen, vervormd, maar vooral had gebruikt.
Ergens halverwege was er dat bericht dus op die wekkerradio. Het was een zaterdag. Waarschijnlijk zat het bericht in het ANP-bulletin tussen Los Vast en de Dik Voor Mekaar-show..
Popblad OOR (wat toen nog een mooi popblad was) kwam vervolgens met een mooi ontroerend afscheidsverhaal. Om een of andere reden is dat nummer steeds meeverhuisd en kan ik dat kennelijk nog steeds makkelijk vinden.
Ik was 16 en hoorde op de wekkerradio in de slaapkamer van mijn zusje in een kort en droog berichtje dat een popheld die ik nog maar kort daarvoor had ontdekt en mij de ogen wijd had geopend voor een genre dat ik tot dan toe niet kende dood was. Het waren mijn eerste tranen om het verlies van iemand die ik persoonlijk niet kende.
Ik had Lynott leren kennen via een van de eerste commerciële tv-zenders die we in Haarlem konden ontvangen: Sky Television. Mick Wall had daar een hardrock-show genaamd Monsters of Rock, waarin Phil regelmatig studiogast was om de vertoonde clips van commentaar te voorzien. Wat werd er vertoond? Jee.. Iron Maiden, Twisted Sister, Scorpions, oudjes van Deep Purple, Marillion. Ik was niet zo thuis in het genre en zag in Lynott een sympathieke, steevast verkouden, nasaal pratende, intelligent vertellende vent op wie je een beetje zou willen lijken.
Hij bracht zijn (achteraf gezien) laatste muzikale wapenfeit uit, die in Monsters of Rock vaak werd vertoond: Out in the fields, een geweldig spannend nummer samen met zijn oude maatje Gary Moore. Ik kocht de single en raakte vervolgens bevlogen door de B-side: Military Man/Still in love with you. Hardrock en blues met die onwaarschijnlijk ongewone maar innemende stem van Lynott. Aanleiding zat om zijn vorige platen te kopen en allengs een genre verder te ontdekken. Om uiteindelijk te zien dat Lynott maar zeer ten dele in dat metalgenre paste en het waar kon had omgebogen, vervormd, maar vooral had gebruikt.
Ergens halverwege was er dat bericht dus op die wekkerradio. Het was een zaterdag. Waarschijnlijk zat het bericht in het ANP-bulletin tussen Los Vast en de Dik Voor Mekaar-show..
Popblad OOR (wat toen nog een mooi popblad was) kwam vervolgens met een mooi ontroerend afscheidsverhaal. Om een of andere reden is dat nummer steeds meeverhuisd en kan ik dat kennelijk nog steeds makkelijk vinden.
zaterdag 17 december 2011
Boompje
Ze zouden onchristelijk duur worden dit jaar. Vanwege de schaarste. Ik heb het over de kerstbomen. Als gevolg van de lange vorstperiode vorige winter en het koude voorjaar zouden we er dit jaar diep voor in de buidel moeten tasten, zo meldden de media al in oktober.
In mijn beleving is dat een jaarlijks terugkerend bericht. Vergelijkbaar met de jaarlijkse onheilstijdingen over de prijs van aardappelen, vanwege - jawel - de regen. ’Nou dan eten we toch gewoon patat’, denk ik dan altijd maar.
En die kerstbomen? Die worden naarmate de dagen korter werden alleen maar goedkoper. Eerst kwam Ikea met een stunt: een boom voor twintig euro en daar krijg je dan een tegoedbon van 19 euro bij. Een boom voor per saldo één enkele euro!
En het kon nóg goedkoper. Deze week begon de gemeente Haarlem te stunten. Nota bene op steenworpafstand van het Zweedse woonwarenhuis: gratis af te halen kerstbomen! Je hoefde er de fly-over niet eens voor over, de gemeente had er één hele rijstrook van de Amsterdamsevaart voor afgesloten.
Ik was zelf te laat. De gemeente werd teruggefloten. Niet door Ikea of door de ambassadeur van Zweden, maar door de politie. Die vond de kerstbomenactie kennelijk iets té goed bereikbaar voor koopjesjagers. Toch jammer.
(zaterdag 17 december ook geplaatst in rubriek 60 Seconden, HD)
In mijn beleving is dat een jaarlijks terugkerend bericht. Vergelijkbaar met de jaarlijkse onheilstijdingen over de prijs van aardappelen, vanwege - jawel - de regen. ’Nou dan eten we toch gewoon patat’, denk ik dan altijd maar.
En die kerstbomen? Die worden naarmate de dagen korter werden alleen maar goedkoper. Eerst kwam Ikea met een stunt: een boom voor twintig euro en daar krijg je dan een tegoedbon van 19 euro bij. Een boom voor per saldo één enkele euro!
En het kon nóg goedkoper. Deze week begon de gemeente Haarlem te stunten. Nota bene op steenworpafstand van het Zweedse woonwarenhuis: gratis af te halen kerstbomen! Je hoefde er de fly-over niet eens voor over, de gemeente had er één hele rijstrook van de Amsterdamsevaart voor afgesloten.
Ik was zelf te laat. De gemeente werd teruggefloten. Niet door Ikea of door de ambassadeur van Zweden, maar door de politie. Die vond de kerstbomenactie kennelijk iets té goed bereikbaar voor koopjesjagers. Toch jammer.
(zaterdag 17 december ook geplaatst in rubriek 60 Seconden, HD)
dinsdag 6 december 2011
Vliegen
De KLM gaat passagiers de mogelijkheid bieden zelf te kiezen naast wie ze willen zitten, zo meldt de krant. Ze denkt zo ‘fans van een bepaalde popster’ en mensen met hetzelfde ‘interessante beroep’ te koppelen. Dat zou lange, saaie vlucht veel aangenamer maken.
Voorop gesteld: ik hou van m’n rust die enkele keer dat ik vlieg. Wie er naast me zit, maakt mij dan niet veel uit. Een buurman stoort zelden. Zolang het niet in zichzelf praat en geen al te onwelriekende lichaamsgeuren met zich meedraagt, valt het uitstekend te negeren.
Wat er achter en vóór je zit, is veel moeilijker in de hand te houden. Opvallend vaak zijn dat echter alleengaande reizigers met oordoppen, dan wel mensen die elkaar al zó lang kennen dat alle gesprekken wel zijn gevoerd. Meestal is er dus niets aan de hand.
Dat dreigt nu te veranderen. Opeens zitten er twee Dries Roelvink-fans achter je. Die dat van elkaar weten! Of twee fanatieke wijnconnaisseurs die een vlucht naar New York (zes uur) met gemak volpraten. Met vóór je hun echtgenotes, die elkaar ook hebben gevonden: ,,Zelf houd ik niet zo van wijn...’’ ,,Nee, ik óók niet...’’
In gedachte sta ik aan de KLM-balie en hoor een reiziger voor me: ,,"Doet u mij alstublieft iemand die mijn voorliefde voor techniek, semtex en ontstekingen deelt. Dan is die vlucht vast voorbij voor we er erg in hebben. Dank u..."
Voorop gesteld: ik hou van m’n rust die enkele keer dat ik vlieg. Wie er naast me zit, maakt mij dan niet veel uit. Een buurman stoort zelden. Zolang het niet in zichzelf praat en geen al te onwelriekende lichaamsgeuren met zich meedraagt, valt het uitstekend te negeren.
Wat er achter en vóór je zit, is veel moeilijker in de hand te houden. Opvallend vaak zijn dat echter alleengaande reizigers met oordoppen, dan wel mensen die elkaar al zó lang kennen dat alle gesprekken wel zijn gevoerd. Meestal is er dus niets aan de hand.
Dat dreigt nu te veranderen. Opeens zitten er twee Dries Roelvink-fans achter je. Die dat van elkaar weten! Of twee fanatieke wijnconnaisseurs die een vlucht naar New York (zes uur) met gemak volpraten. Met vóór je hun echtgenotes, die elkaar ook hebben gevonden: ,,Zelf houd ik niet zo van wijn...’’ ,,Nee, ik óók niet...’’
In gedachte sta ik aan de KLM-balie en hoor een reiziger voor me: ,,"Doet u mij alstublieft iemand die mijn voorliefde voor techniek, semtex en ontstekingen deelt. Dan is die vlucht vast voorbij voor we er erg in hebben. Dank u..."
(ook geplaatst in de rubriek 60 Seconden in HD)
Abonneren op:
Posts (Atom)



