maandag 31 januari 2011

Eerbetoon

Het zielig stuk brok beton in de Haarlemmerhout blijkt dus het restant van een bank, dat er ooit ter ere van oud-burgemeester Cornelis Maarschalk is neergezet. Maarschalk droeg van 1919 tot 1937 de Haarlemse ambtsketen. Hij zou tijdens de bezetting de kant van de Duitsers hebben gekozen. Maarschalk was toen al met pensioen. Een oud-burgemeester in oorlogstijd, het zal. Hij overleed op 3 maart 1954 en ligt op Westerveld begraven. Nagenoeg vergeten, kunnen we gerust stellen.
Maar hoe zit het verder met memorabilia aan Haarlemse burgemeesters, vraag ik me af. Ik kan er weinig bedenken. Straatnamen, ja. En een park in Oost. Maar fysieke gedenktekens, zoals het banken van Maarschalk?
Jaap Pop kreeg bij zijn afscheid een klok, die sindsdien boven de opgeleukte vluchtheuvel op het Verwulft hangt. Een cadeautje van wat Haarlemse ondernemers. Die hadden de allervriendelijkste tekenaar Eric Coolen bereid gevonden de wijzerplaat van het uurwerk op te sieren met Pops karakteristieke kalende schedel en afhangende mondhoek.
Zoiets moet je eigenlijk niemand aandoen, zelfs Jaap Pop niet, vind ik. Zo’n klok staat al gauw hele delen van het jaar stil of loopt achter, en dat leidt dan maar tot grapjes. Pop was er echter héél erg blij mee.
Tekenaar Coolen had ’t niet zo bedacht. Die dacht – en terecht, lijkt me! - dat ’t om een grap ging, zo vertrouwde hij me onlangs toe. Als de tekenaar had geweten waar dat ding moest komen, had hij er meer eer in gelegd, vertelde hij. Wat boven het Verwulft hangt is feitelijk net iets meer dan een schets. Wist Coolen veel.
Ach ja, ook een burgemeester krijgt waarschijnlijk het eerbetoon dat hij verdient. 
 (vandaag ook geplaatst in de rubriek '60 seconden' in Haarlems Dagblad)


3/2/2011: zie hier het vervolg...

http://bit.ly/dJxkJ3

zondag 23 januari 2011

Ben d'r klaar voor!

Oke, de drie koningen zijn allang weer vertrokken. Ik ben daarentegen nog ruim vóór Chinees nieuwjaar. Het moest er van komen. Ik heb vandaag mijn kerstboom ontmanteld.
Laat Pasen maar komen!

woensdag 12 januari 2011

Houdt de dieven!

,,Twee in spijkerbroek, de ander een donkere broek, één met een mutsje, donkere jacks... Nee het plastic tasje zie ik niet meer.’’
Nietsvermoedend was ik de Korte Begijnestraat ingewandeld, toen ik achter mij iemand per telefoon beschrijvingen hoorde doorgeven van drie figuren vóór me. Ik liep middenin een achtervolging!
De drie types bleven kalm doorlopen. Om de hoek splitsten de drie zich: één de Lombardsteeg in, één de Wijde Appelaarsteeg en één rechtdoor. Slim hoor. Maar vlak mij in zo’n situatie niet uit. Ik had in de gauwigheid mooi twee van de boefjes op de foto gezet!
Toen ik ze vier tellen later alle drie uit het oog was verloren, bekeek ik de foto op m’n cameraschermpje. Het was een zelfs voor mijn doen vreselijk beroerde want bewogen foto van twee dievenruggen. Wat een sof.

Inmiddels was er van alle kanten politie gearriveerd. Beschroomd liet ik twee agenten de foto zien. Ik had een beetje het idee dat ‘t was mijn gevoelens te sparen, maar ze wilden gráág dat ik ‘m naar de Koudehorn bracht.
Op weg naar het bureau schoot me de opmerking over het plastic tasje te binnen. Die hadden de boefjes dus kennelijk weggegooid. Op goed geluk keek ik rond. Hopend. En jawel: op het dekzeil van een sloep in de Bakenessergracht lag de tas!
 Het bleek niets van ook maar enige waarde te bevatten, maar ik had goddank méér om mee aan te komen dan alleen een vage, bewogen foto.
Op het bureau kon ik de eigenaar blij maken met het tasje, deed mijn relaas aan de verbalisant en hoorde dat twee van de dieven inmiddels waren opgepakt. Eind goed al goed. En ik was een verhaal voor in het café rijker.

(Ook geplaatst in rubriek 60 Seconden, Haarlems Dagblad)

En dan nu de bewuste foto:



















Maar was het nou echt zo'n nutteloze foto? Ha! Zie hier het persbericht van de politie Kennemerland een dagje later:



Zie ook hier: Webregio.

 

maandag 3 januari 2011

Mooie zondag, wel

Goedbeschouwd was het een ideale zondag gisteren.
Na het uitslapen, ontbijten en wat aanrommelen begon ik om kwart voor twee aan een stevige wandeling door de duinen: eerst stad door, toen Brouwersvaart af, Houtmanpad, naar Kraantje Lek, Visserspad, vlak voor Zandvoort via tunneltje spoor onderdoor, doorlopen naar Bloemendaal aan Zee, Zeeweg over, bij Parnassia duinen weer in, via Vogelmeer naar Koevlak, en via Bloemendaal en Zijlweg weer de stad in. Een tochtje van vierenhalf uur. Ik kwam onderweg onder andere één wethouder, één bekende uit Koops, te veel loslopende honden en kinderen, een stuk of wat konijnen en  twee Schotse Hooglanders tegen. Geen hert - daar schijn je dan toch weer het dorp Zandvoort voor ín te moeten.
Schotse Hooglanders

't Wed zondag om even na 17 uur.



Het begon op een gegeven moment wel donker te worden. Wat een mooi plaatje opleverde bij 't Wed, maar het er niet direct makkelijker op maakte om de uitgang te vinden.

Ter hoogte van de brandweerkazerne aan de Zijlweg liep ik het dilemma in: netjes naar huis, keurig op tijd voor een fatsoenlijk bord eten, of toch even wat nieuwjaarswensen overbrengen in Koops?
Toen ik even later in de Damstraat Bies van Ede lurkend aan een sjekkie tegenover zijn eigen paal zag hangen, kon ik er niet meer onderuit. En toen wat later Lodewijk Wiener binnen kwam wandelen, heb ik aangenaam aangezeten bij een mooie verhitte discussies tussen twee Haarlemse schrijvers. Over hoe ver je kunt gaan in fictie. Volgens Wiener is Van Ede in een boek véél te ver gegaan in zijn fantasie over een urn met as van Slauerhoff. Wiener heeft 'm daar in een stuk op aangevallen, maar verhaspelde daarbij de titel van het boek (dat Slauerhoff compleet heet trouwens, wat Wiener er van maakte, weet ik niet). Volgens Bies had dat gefantaseer natuurlijk wél degelijk een doel gehad en was het dus zeer zeker geoorloofd geweest. Kortom: heerlijk geestesvoer voor bij een biertje.
Dat fatsoenlijk bord eten werd een late kom erwtensoep.
En Freek de Jonge heb ik gemist.
Bies van Ede en Lodewijk Wiener: 'Jij gelijk of ik gelijk?